Onze gesprekken over voeding

Bekijk hier al onze gesprekken over voeding.
 
We houden van het thema voeding. We eten graag. Dat is één reden. Een tweede reden is dat voeding onze hedendaagse menselijke worsteling zichtbaar maakt.

Schaaleffecten

Van Alexander Devriendt leerden we dat het unieke probleem van deze generatie is dat we zo veel weten. We leven in onze eigen kleine wereld van barbecue op zaterdag, vuilnisophaling op vrijdag en woensdag misschien Deliveroo. Tegelijk krijgen we voortdurend nieuws van die grote wereld binnen en kennen we meer dan alle generaties voor ons de effecten van ons gedrag in die kleine wereld op die grote wereld.

Wij kunnen dat biefstuk op ons bord linken aan de droogte in Afrika. Wij kunnen ons de liters water voorstellen die in die avocado gekropen zijn. Hoe gaan we daar mee om?

Pragmatisch activisme

Alexia Leysen draait dat verlammende idee om. Als je de schaaleffecten kan zien van je negatieve daden, dan kan je die ook zien van je positieve daden. Consequent zijn is overroepen, zegt zij. Elke keer dat jij geen vlees eet ben je de markt aan het sturen en de wereld aan het veranderen.

Benjamin Verdonck had het over de waanzinnige macht die je hebt door iets niet te doen.

Ook Tobias Leenaert focust zich op dat idee. Het zijn de vleesverminderaars die ervoor gezorgd hebben dat die twee schrale groentenburgers in de supermarkt vervangen zijn door een meters lange rayon van lekkere alternatieven. Tobias is een pragmatische activist die beseft dat heel principieel in een hoekje zitten en boos worden op wie niet meedoet, weinig zoden aan de dijk brengt.

Emotionele wezens

Want natuurlijk is het moeilijk om ons gedrag aan te passen, hoe goed onze bedoelingen ook mogen zijn. In onze kleine wereld hebben we onze behoeftes, onze goestingskes, onze irrationele verlangens.

Maxim Februari en Michael Van Peel haalden bij ons uit naar het Homo Economicus model, alsof we puur rationele wezens zouden zijn. We mogen dan af en toe toevallig eens iets rationeels doen, we worden toch vooral gedreven door onze emoties.

En de reclamesector weet dat en buit dat op ingenieuze wijze uit. Patrick Doyen vertelde openhartig bij ons hoe hij jaren voor Coca Cola werkte en behoeftes creëerde waarvan we niet eens wisten dat we ze hadden. Vandaag gebruikt hij zijn superpowers om ons van het flessenwater af te helpen.

Met Too Good to Go doet Jonas Mallisse iets gelijkaardig. Hij maakt het leuk, makkelijk en goedkoop om iets goeds te doen. Een app die toelaat om het eten dat overblijft in supermarkten en restaurants te gaan halen. Een app met impact op grote schaal die rekening houdt met je gevoelens op kleine schaal.

Ook Helena Gheeraert en Steven Dessair beseffen dat je de trucen van de de marketingboys moet gebruiken als je succes wil hebben. Steven kookt met voedeseloverschotten, maar Steven kookt ook gewoon heel lekker. Helena maakt lekkere dip met groenten die anders in de vuilnisbak zouden belanden.

De voedselindustrie is langzaam (te langzaam?) aan het veranderen in het spoor van pragmatische activisten en bevlogen sociale ondernemers.

De wortel

Maar we kunnen ons ook uit de problemen innoveren.

Innovatie is een waanzinnige kracht. Zeker als ze wordt aangedreven door ons verlangen om niets aan ons gedrag te moeten veranderen. Geert De Jaeger vertelde ons over GGO technologie en de mogelijkheden die ze brengt. Meer opbrengst uit dezelfde grond. Gewassen die resistent zijn tegen ziektes. Gewassen die in drogere omstandigheden kunnen groeien. Technologie laat ons misschien wel toe om bepaald gedrag in onze kleine wereld te behouden zonder de schadelijke effecten op grote schaal.

Ook kweekvlees komt er aan en zal ons toelaten te barbecuen op zaterdag zonder dierenleed of schuldgevoel.

Politiek

De voedselrevolutie is volop bezig, maar de macht om echt iets te veranderen ligt – uiteraard – bij de politiek. Op het Europese niveau kan één handtekening ervoor zorgen dat bepaalde GGO’s toegelaten worden of dat we kweekvlees mogen beginnen eten.

Maar de politiek kan er ook voor zorgen dat duurzame producten goedkoper worden. Als Stijn Van Hoestenberghe een vis kweekt met een minimale ecologische impact, in een circulair systeem waarin hij water uitwisselt met een tomatenkwekerij, en als hij die vis dan verkoopt in een duurzame verpakking, dan moet zijn vis veel goedkoper zijn dan de pangasiusfilet uit Vietnam die er naast ligt.

Toch?

Bekijk hier al onze gesprekken over voeding: