Spring naar de inhoud

Al onze gesprekken zijn opnieuw voor iedereen gratis beschikbaar. Lees hier waarom.

Zwijgen is geen optie

Chris Van Lysebetten - Ondernemer

Het is als bloemen planten

34min - maart, 2022

Chris Van Lysebetten - Ondernemer

Het is als bloemen planten

video
play-rounded-fill

Met Chris hadden we het over jongerenwerk, over gentrificatie en het preventieve als alternatief voor het curatieve.

Dankzij onze schenkers is dit gesprek voor iedereen gratis beschikbaar

Help ons mee om de stem van moedige mensen luider te laten weerklinken.

Voetnoten bij dit gesprek

Algemeen

Het is een gesprek vol anekdotes en avonturen, maar al die verhalen samen geven een schoon beeld van wie Chris is en wat voor prachtig werk hij met Habbekrats doet. Deze voetnoten proberen zijn verhalen nog iets kleurrijker te maken en te linken met eerdere gesprekken die we voerden over de schrijnende situatie in de zorgsector.

  • Al onze gesprekken over welzijn en ongelijkheid
  • Chris is de oprichter van jeugdorganisatie Habbekrats. Lees hun beleidsplan hier, het leest als een trein, ook al overschrijdt het het door de overheid opgelegde aantal pagina’s.
  • Hij schreef zijn model en zijn ervaring uit in het boek Elk kind is een held.
  • Lees ook eens het beleidsplan van Habbekrats. Toch zeker één van de vlotst leesbare beleidsplannen die ik ooit gelezen heb.
  • In eerdere gesprekken, bijvoorbeeld met Marc Cosyns en Lynn Formesyn wordt aangeklaagd hoe we als maatschappij altijd de symptomen bestrijden en nooit de grondoorzaken aanpakken. Het alternatief daarvoor is preventie, maar dat klinkt dan weer zo duf. Dit gesprek met Chris is een antwoord op de vraag: hoe ziet preventie eruit.
  • Ook Ingrid De Jonghe werkt met TEJO heel hard om de gaten van het reguliere zorgsysteem te vullen.

Hoofdstuk 1: Bende of club

Chris vertelt over zijn eerste projecten, waarbij hij een mandaat had van de minister om met 1 miljoen belgische frank 350 jongeren te helpen. Hij was 29 jaar en had geen ervaring. Hij vertelt heel concreet hoe hij een groep zware jongeren in Ledeberg benaderde met cola en papieren bekertjes, zonder plan of methodiek.

  • Jan Lenssens (CVP) was Vlaams minister van Welzijn en Gezin van 1988 tot 1992. Het staat niet in zijn Wikipedia-artikel, maar hij gaf Chris 1 miljoen Belgische Frank en een mandaat om 350 kinderen uit de miserie te houden. Hij legde daarmee de basis voor Habbekrats.
  • Niet dat het verhaal van Chris kleur mist, maar als je je graag nog concreter wil inleven, kijk dan eens op Google Streetview naar het oude gebouwtje dat Chris kon opknappen in het Keizerpark (daar zo tussen de bomen aan de overkant).
  • We hebben eindelijk de term gevonden om te contrasteren met ‘preventief werk’ en dat is ‘curatief werk’. Lang leve het ZIGO-lexicon.

Hoofdstuk 2: Gentrificatie

Over de Zuidpool in Gent waar ‘probleemjongeren’ in conflict waren met skaters en waar er nu een algemene werking is met beide groepen. Over de Nieuwe Dokken, waar de kinderen uit de sociale woonblokken slachtoffer dreigen te worden van de stadsvernieuwing en waar Habbekrats die jongeren terug zichtbaar wil maken.

  • In 2021 opende Habbekrats aan Gent Zuid De Zuidpool.
  • De Nieuwe Dokken is een prachtig project, maar je kan je wel iets voorstellen bij dat proces van gentrificatie als je naar de foto’s kijkt.
  • Er zijn plannen om de blokken van de Afrikalaan te integreren in de stadsvernieuwing. Veel lof voor de fotograaf die erin geslaagd is de blokken charmant in beeld te brengen.

Hoofdstuk 3: Triple A locatie

Het verhaal van Habbekrats Oostende en hoe ze de kinderen daar vanuit het grimmige Westerkwartier tot in een villa op zeedijk gekregen hebben.

  • Dit is het Habbekrats huis in Oostende. Aan de Rock Strangers van Arne Quinze.
  • De Tijd heeft een heel dossier over wonen en investeren in AAA locaties. Het gaat over de nabijeheid van de stad of de natuur, over multimodale bereikbaarheid en duurzaamheid. En er zijn dus ook geen arme, luide kinderen te zien.
  • Frans De Clerck vertelde ons over het moment waarop hij zijn appartement kocht en vond dat 100.000 euro van de prijs overeenkwam met het prachtige uitzicht op de Leie. Hij vond dan ook dat die 100.000 euro eerder naar de natuur zou moeten gaan en naar de mensen die dat uitzicht mogelijk maken en onderhouden. De notaris en de verkoper dachten daar anders over.

Hoofdstuk 4: Curatief vs. preventief

Over het succesverhaal van Habbekrats binnen een steeds grimmiger wordende maatschappij. Over het curatieve dat alle centen krijgt en het preventieve dat volledig verwaarloosd wordt, ondanks dat succesverhaal.

  • Het concept van een jeugdgevangenis voelt nog veel vreemder nadat je beseft dat het concept van een gewone gevangenis al absurd is. Marjan Gryson en Hans Claus kunnen je daarbij helpen.
  • We kunnen het verhaal van Dirk Bryssinck zien als iemand die wegwil uit de curatieve context voor ‘de zware gevallen’ en met Villa Voortman beslist een preventieve context in te richten.
  • “We zijn altijd te laat”, het is een zin die ons automatisch aan Marc Cosyns doet denken. Hij maakte ons voor het eerst duidelijk hoe we nooit naar de grondoorzaken willen kijken.
  • Het is een heel eenvoudige redenering, maar we willen ze toch nog eens neerschrijven. Stel dat Joost in een jeugdinstelling terechtkomt. Joost kost ons dan als gemeenschap bijvoorbeeld 1000 euro. Stel dat je Joost een bibliotheekkaart had gegeven van 1 euro en Joost had boeken gelezen die hem op een ander pad gebracht habben, waardoor hij niet in de instelling terecht kwam. Dan heb je dus 1000 euro uitgespaard. En als je dat op voorhand had geweten dan had je 1000 bibliotheekkaarten kunnen uitdelen aan duizend potentiële Joosten die allen potentieel 1000 euro bespaard zouden kunnen hebben. De winsten zijn gigantisch, maar het lijken kosten. De moraal is: de bibliotheek is de max! Denk ik.

Transcript


[00:02] Chris

Moest ik alleen nu maar vertellen over: met die is het slecht afgelopen, die is in elkaar geslaan, die heeft zelfmoord gepleegd. Dan had ik misschien nu een sensationeel verhaal gebracht waar de media wel in geïnteresseerd zijn, maar het zou geen echt verhaal zijn. Dat zijn dingen die gebeuren, maar die niet de doorsnede vormen van het verhaal dat we beleven.


[00:29] Anthony

Je gaat zo meteen luisteren naar het gesprek dat ik heb gevoerd met Chris van Lysebetten. Chris is opgeleid als chemicus, als ik mij niet vergis, maar heeft op een bepaald moment beslist om Habbekrats op te richten. Habbekrats is een van de grootste jongerenwelzijnsorganisaties van ons land. Staat onder de bescherming van Hare Majesteit de Koningin, als ik me niet vergis. En hij is ook gewoon een heel fijne en verstandige kerel. Wat vond jij van het gesprek, Tom?


[00:59] Tom

Het is echt een onverbeterlijke optimist. Je hebt een paar keer geprobeerd met een paar cynische vragen om hem… down te krijgen, maar dat gaat niet. Het is iemand die op het positieve focust en echt niet anders kan. Dat werd heel duidelijk over den duur.


[01:16] Anthony

Wat ik zo schoon vond, is dat als ik probeerde om wat te prikken, het was vaak ook echt oprecht uit ongeloof dat ik doorvroeg dat het antwoord zo absurd eenvoudig en menselijk was. Dat van die hele grote maatschappelijke problemen die je met twee hoofdletters schrijft, dat zijn antwoord is van: ja… Enfin, je moet luisteren


[01:37] Tom

Ja, in de praktijk, in het kleine.


[01:40] Anthony

Ja, en die doet dat op een grote schaal, met veel jongeren.


[01:44] Tom

Het is een grote vraag die ook al veel gesteld is in voorbije gesprekken. Het gaat dan zo over dat we als maatschappij altijd de symptomen bestrijden en dat we nooit preventief werken. En als oplossing wordt dan altijd gezegd, we moeten preventief werken, maar daar stopt het dan. Ik vind dat dit hele gesprek een antwoord is op: hoe ziet dat eruit. Die preventie.


[02:10] Anthony

Ja, welke skill moet je kweken om dat te doen.


[02:20] Chris

Ik las: het eerste miljoen frank, denk ik, dat je gekregen hebt.


[02:22] Anthony

Dat was echt voor drie projecten. Daar heb je drie projecten mee gedaan waar de steden echt vroegen van: we zitten hier met jonge gasten die brommers pieken, ze leegrijden en ze dan in de Schelde dumpen. Kan je dat hier komen oplossen?


[02:36] Chris

Dus de overheden maakten zelf de klik naar probleemjongeren.


[02:42] Anthony

Niet preventief, maar eigenlijk…


[02:45] Chris

Ja, we hebben daar een bende zitten. De bende van daar, de bende van daar. En in Gent zijn we dan…


[02:52] Anthony

In Ledeberg, was het?


[02:54] Chris

Ja, Hamme, Wetteren, Ledenberg, dus dat ging telkens over een bende. Maar ik dacht van… Ja, ik moet daardoor. Ik had ook dat diploma niet. Ik kon niet zeggen: ik ben de ervaringsdeskundige, want dat was ik niet. Ik was ook niet academisch geschoold om te zeggen: ik ken wel preventieve technieken of ik ken formules of wat weet ik allemaal. Maar het heeft wel gewerkt en door…


[03:21] Anthony

Waarom heeft dat gewerkt?


[03:27] Chris

Omdat ik dat toch gedaan heb. Dus ondanks dat het eigenlijk een curatieve context was, heb ik dat toch opengetrokken. Behalve te focussen op de groep en hun moeilijkheden, heb ik altijd gefocust op een ruimere omgeving en de mogelijkheden.


[03:44] Anthony

Kun je mij dat concreet maken? Want ik vind dat zo'n grote… Je hebt een miljoen Belgische frank, dat wat niet zo veel is eigenlijk. En dan heb je drie steden waar er drie keer een bende is, om hun woorden maar te gebruiken, van toch redelijk wat mensen. Jij bent daar, met een idee, maar meer dan dat is het ook niet.


[04:09] Chris

Dat is niet meer dan een idee.


[04:13] Anthony

En dan? Je werft mensen aan, je gaat het zelf doen.


[04:16] Chris

Nee, daar had ik geen geld voor om mensen aan te werven met een miljoen. Ik kon ook amper. Ik moest ook zorgen dat alles gedaan was voor dat miljoen. Ten eerste moest ik dat geld vermeerderen. Ik moest de mogelijkheden vermeerderen. Dus ik ging maar met mijn opdracht van de minister naar de gemeentebesturen. En ik zei, naar waarheid, ik heb een opdracht van de minister van Welzijn om ervoor te zorgen dat er 350 jongeren niet in moeilijkheden zouden belanden.


[04:46] Anthony

Een miljoen en 350 jongeren?


[04:48] Chris

Dat was ook de voorwaarde van minister Lenssens. Het was geen grote cadeau. Er stond tegenover: Chris, je moet aantoonbaar 350 jongeren helpen die daardoor niet in een moeilijke situatie, in feite in een instelling of in een gevangenis, zouden belanden. Maar in die tijd was het al meer dan een miljoen frank om één jongere in een instelling te houden.


[05:14] Anthony

Dus je had een rendement van… een veelvoud van 300 miljoen?


[05:18] Chris

Dat was de bedoeling van de minister.


[05:19] Anthony

350 miljoen besparen voor een miljoen.


[05:23] Chris

Die kerel gaat dat hier rap beu zijn, maar ik ga van zijn gezaag af zijn.


[05:30] Anthony

Wie weet lukt het hem met twee en dan heb ik nog een miljoen gespaard.


[05:34] Chris

Dus ik ben dat toch gaan doen. Ik heb naar die gemeentebesturen gezegd: ik heb de opdracht van de minister. Als wij dat nu samen invullen, die opdracht, want jij hebt hier vast zo'n jongeren, dan winnen we allemaal. Ja, en dan moet de gemeente ook een deel betalen. Op die manier kon ik dat bedrag verveelvoudigen. Het was niet ineens 3 miljoen, maar het was wel meer, dus ik had meer armslag. Als die basis gelegd was, dan moest alles nog gebeuren. Dan kwam het erop neer om naar die jongeren te stappen.


[06:13] Anthony

Jij, met je auto?


[06:15] Chris

Met mijn auto, ja, te voet. Naar het pleintje? In het hol van de leeuw. Het gekke is, het leek een beetje stom, maar misschien daardoor. Ik had een lokaal gekregen in het Keizerpark, dat was een oud restaurantje. Het vet van de muren staan schrepen, dat allemaal ingekleed, mooi geschilderd, ingericht, samen met de schepen van Welzijn toen. Schepen van sociale zaken. Die stond daar mee achter. om de eerste dag die jongens te verwelkomen en dan sta ik daar zo met papieren bekertjes en een fles cola en een fles limonade. En dan komt daar zo die bende binnen en… Die kwamen wel binnen. Die kwamen wel binnen, want ik had hier geronseld. Ik had overal naar de pleinen geweest en gezegd, kijk, ik zou iets willen doen voor de jeugd. Hier is geen jeugdhuis ofzo, willen we dat aanpakken? Ik kan samen met jullie een oude ruimte opknappen in het Keizerpark en dat wordt jullie jeugdhuis. Ik sta daar dan met mijn bekertjes en misschien, ik weet het niet, maar dat zegt van een jongen die daar staat met papieren bekertjes met cola in, dat dat voor hen ontwapenend werkte. Daar gaan we ons nu toch niet tegen verzetten, want die meent dat goed. Ik meende dat ook goed. Ik vind van jongeren dat die heel goede voelsprieten hebben.


[07:48] Anthony

Hoe oud was je toen?


[07:50] Chris

29 jaar. Ik was eigenlijk een snotneus tussen die mensen en helemaal daarvoor niet opgeleid. Gelukkig, want anders had ik misschien gedacht aan een methodiek of zo van oei, nu moet ik dat doen en als zij dat doen, moet ik iets anders beginnen zeggen.


[08:09] Anthony

Is dat wat je bedoelt met die voelsprieten, dat ze het zo voelen als het niet oprecht is?


[08:11] Chris

Absoluut, ze voelen dat direct. Je moet hen geen blaasjes wijsmaken. Die voelsprieten staan zo op scherp, wij noemen dat de jongeren met stekels. We zijn die met stekels beginnen afbeelden. En die stekels zijn heel gevoelig. Daaraan weten ze of iets echt is of niet. Ben je goed of niet? En op het moment dat je die stekels raakt, is het natuurlijk gevaarlijk. Je moet goed weten… Ik bekijk het zo. Die stekels vergelijken we met een bolster. En daarin van binnen is het warm en gezellig, zoals een bolster van kastanje. J doet die open, daar zitten haartjes in, die noot zit daar goed beschermd. Daar moet je proberen in doordringen. Dus weg van de stekels en proberen met het binnenste van de bolster te werken. Hoe dat allemaal precies werkt, dat zou ik niet kunnen vertellen, aangezien ik het niet academisch kan uitleggen, maar ik kan het wel vanuit ervaring zeggen dat het wel werkt. Dus als je ontdekt wat er allemaal zit achter die stekels. En voordat je het weet, dus die zware jongens van toen, die door anderen als zwaar worden gecatalogiseerd, dus die zichzelf zo niet benoemen, Ja, die verdwijnen plots. En plots zijn dat jongens gewoon die daar komen. Ja, ik zeg nu steeds jongens. Ik kreeg vooral jongens. Het waren bendes, dus bendes waren vooral jongens en ja, dus voordat we het wisten had je een goeie band en bleven die komen en hadden ze eindelijk iemand gevonden bij wie ze konden zijn wie ze waren. Ze hoefden niet meer dat gedrag te vertonen. Zij hoefden niet meer met geweld bezig te zijn of dingen kapot te maken om hen een elan te geven. Dat was helemaal niet nodig. Dat werkte ook niet bij mij. En begrijp je, voor hen is dat ook wel heel vermoeiend om altijd tot een bende te moeten behoren. Dat vraagt attitudes die soms niet eigen zijn aan hen. Dat vraagt attitudes van een bende, die zijn niet altijd gemakkelijk te volgen. Je moet daar zijn, je moet vastberaden zijn, je moet kunnen vechten, je moet je kunnen verdedigen, je moet de held kunnen uitdagen, je moet tegen een aantal dingen zijn, soms agressief zijn, zeker rebels. En ook geleerd dat er een alternatief is voor een bende, namelijk een club. Dus de groep gelijkgezinden die in een goede context iets doen, die iets creëren en die staan voor iets positiefs.

[11:08] Muzikaal intermezzo


[11:08] Chris

Dus er zijn op dit moment 17 locaties waar we jongeren ontmoeten, waarvan vier in Gent. En sinds vorig jaar hebben we een Zuidpool en een Noordpool. En de Zuidpool is de werking die zich ontwikkelt, meestal buiten, aan Gent-Zuid, dus voor de jongeren die zich daar in het Zuidpark begeven en die bijvoorbeeld wel graag bij die skaters zouden doen, wel urban dingen zouden doen, maar daar de mogelijkheden en de middelen niet voor hebben. Dat wordt gedaan door twee…


[11:44] Anthony

Het is wel interessant hoe je babbelt. Ik volg dat bijvoorbeeld. Er zijn wel wat nieuwsberichten over Gent-Zuid. Als je die nieuwsberichten leest, dan waren de laatste nieuwsberichten, denk ik, skatertjes die… meppen hadden gekregen ofzo, of een skateboard. En hoe jij het verwoordt, dat je spreekt over jonge gasten die bij de skaters hangen, maar niet de middelen hebben om mee te doen.


[12:09] Chris

Ja, dus op dat moment worden ze geconfronteerd met, oh die skaters die hebben het allemaal, die hebben fancy kleren en weeral nieuwe sneakers en wij hangen daar rond en wij hebben dat niet, wij hebben geen skateboard en al. Dus met onze werking in Gent, de Zuidpool noemen we dat dan, proberen we die bij elkaar te brengen en gaan die samen voor elkaar zorgen en dat urban gebeuren dat is eigenlijk dan een beetje het decor waarbinnen alles gebeurt. De Noordpool voor ons is een werking aan de nieuwe dokken, vroeger de oude dokken. Eigenlijk is dat een mooi project van stadskernvernieuwing. Die heeft eigenlijk, vind ik, weinig resultaat gehad voor de arme mensen die daar al wonen. Met name de mensen die in die blokken wonen aan de Afrikalaan. Die behoren tot de armste mensen van Gent. En die blijven uitgesloten van heel dat vernieuwingstraject.


[13:09] Anthony

In de plaats van dat ze nu een mooi zicht hebben op de stad, kijken ze op poepchique appartementen die ze niet kunnen betalen.


[13:15] Chris

Dus het is hetzelfde fenomeen als aan de zee. Iedereen die een appartement koopt aan de zee, koopt eigenlijk een stukje zicht op zee, is helemaal niet geïnteresseerd in de mensen die daar wonen, mensen van Oostende. Als ik een appartement koop in Oostende, interesseren de Oostendenaars mij niet, want ik heb dat stukje zee gekocht. En al die appartementen die tonen allemaal hun achterste naar de mensen. Letterlijk, daar staan de vuilnisbakken, vanachter. Dus die mensen uit die appartementsblokken daar kunnen geen gebruik maken van de vernieuwing. Die rijden daar niet rond met bakfietsen, met hun twee kinderen in. Die gaan daar niet leuk fietsen of rollerbladen en dan koffie on the go gaan nemen. Helemaal niet. Dus die zijn een beetje vergeten. Het fenomeen noemt gentrificatie. Men schuift die van achteruit. Dus ik heb mij daar een beetje opgesmeten en eigenlijk mee aan den lijve ondervonden hoe dat is om uitgesloten te worden. Want ik wou eigenlijk een appartement daar gaan duren, op het gelijkvloers. Je had daar mooie gelijkvloersen, met die boten daarvoor aan de kades en ik dacht: als we dat een beetje inrichten,


[14:30] Anthony

Je wou in een van die chique blokken een appartement huren?


[14:32] Chris

Ja, beneden dan. Maar dat is onmogelijk, dus ik ben overal weggejaagd. Als ik zei dat het voor kinderen was, oh nee, dat willen we niet. Overal opnieuw. En ik raakte daar een klein beetje van gefrustreerd. Omdat ik dacht, na zoveel jaar zou je toch al eens moeten weten dat je in die kinderen hun buurt bent komen wonen. Jij bent hier komen wonen, zij waren daar eerst, dus je moet er rekening mee houden. Ten tweede, ook die kinderen blijven geen kinderen, dat worden volwassenen, waar je ook mee samen moet leven binnenkort. En ten derde, je ontgaat aan het feit dat je in een buurt sowieso met iedereen moet samen kunnen leven. Dus dat het belangrijk is dat jij daar niet de rijke mens komt uithangen met je terras, maar dat je iedereen meepakt in dat weefsel. Ook als stad is dat superbelangrijk. Dus ik ben me daar verder op blijven focussen. Hoe kunnen we nu in het zicht van iedereen, want dat vind ik belangrijk, niet in een donker kot, maar in het zicht van iedereen…


[15:38] Anthony

In Oostende heb je op de dijk een locatie, in Brussel heb je boven een chocolatier ergens een locatie.


[15:43] Chris

Dat wordt nu ook een nieuwe, maar het is zoeken, de hotspots. En wat gaan we nu doen met de steun van de stad en met heel veel steun. Er liggen overal sporen gelegd in die nieuwe bestrating, waar de kranen op staan. Het is decor, die kranen refereren naar de havenactiviteit. We hebben nu de toelating om daar treinwagons op te zetten, die we samen gaan plaatsen, die volledig op te knappen. Die gaan in het zicht staan, waar die nieuwe voetgangersbrug komt. En dat zijn de wagons waar de kinderen van de Noordpool zich gaan ontplooien. Dus je kan er niet naast kijken, iedereen gaat er moeten passeren. Wij gaan ermee rondrijden, wij gaan er mee spelen, wij gaan er mee varen. En natuurlijk mogen de kinderen uit de bakfietsen ook meedoen.


[16:42] Anthony

Louise en Marie zullen blij zijn.


[16:44] Chris

Die gaan blij zijn. Maar ja, met alle respect voor die mensen. Wij moeten ook niet allemaal in de put gaan zitten, maar wij moeten wel zorgen dat die anderen daar mee uitkomen.

[16:58] Muzikaal intermezzo


[16:58] Chris

En op de zeedijk juist hetzelfde. Voordat we het huis hadden waar we nu zitten, dan zijn we in het paviljoen gekomen dat op het einde van de galerijen staat. De Venetiaanse galerijen hebben op het einde zo'n mooi paviljoen waar in de tijd Leopold II die galerijen gebouwd heeft. Kon hij nog eens verpozen nadat hij heel de galerij doorgegaan was. Met een of ander staatshoofd gingen ze naar de paardenkoers kijken en in dat paviljoen kon nog even gedronken worden. Dat stond leeg en werd nauwelijks gebruikt. Wij mochten dat gebruiken en we konden daar intrekken. We zaten aan de zee met de kinderen, tot op een bepaald moment dat die concessie werd overgedragen aan de uitbater van het hotel. Ik ben dan bij hem gegaan en hij heeft mij heel duidelijk gezegd, meneer Van Lysebetten, je moet je realiseren dat dit een triple A plaats is. Kinderen horen hier niet thuis. Je kunt je misschien ergens aan de vuurtoren gaan zetten. Hij heeft mij enorm diep daarmee gekwetst. Ik had heel erg geijverd voor de plaats aan de zee. En dat niet alleen, die kinderen bloeien daar echt open. Die hadden daar hun strand, die spelen, die liepen daar in en uit. En dat had ook al die jaren tot niets gediend. En als je daar nu gaat, dat dient nog eigenlijk voor niets. Men gaat dat nu beginnen aanpakken, maar al die jaren daartussen heeft dat gebouw nauwelijks een functie gehad. Terwijl dat echt prachtig is en dat mensen zouden moeten denken: waarom ook geen kinderen? Wat is er mis? Waarom zijn kinderen geen triple A, wat dat ook mag zijn? Ze zijn toch onze toekomst.


[18:54] Anthony

Waarom denk je?


[18:56] Chris

Wel, kinderen in de beleving van de man van het hotel, zijn lawaaimakers, die lopen overal in de weg, die doen afbreuk aan de chique uitstraling van een hotel. Zeker die kinderen zijn niet gekleed in chique kleding, die lopen niet mooi in de rij met netjes gekamd haar. Zij passen niet in het plaatje dat hij voor zichzelf voorhad voor het hotel. Dus ik ben daar heel down buiten gegaan en dan was ik op het diepste punt. Ik ging verder op de zeedijk dan dat ik normaal ging. Ik ging altijd naar het deel vanaf het casino richting Westende. Nu ging ik richting het oosten, dus richting de haven. En ik zie daar dus dat droomvillaatje te koop. Het is juist uit 1900. Het heeft twee oorlogen overleefd en nog veel meer de bouwwoede van alle projectontwikkelaars die daar alles afgebroken hebben. En daar zet je die kinderen eigenlijk mooi… Voor hen is het mooi om in zo'n huis te zitten, maar dat is ook trots en dat is ook trots, denk ik, voor de stad. De stad staat daar heel erg achter van hun kinderen te zien zitten op een heel mooie plaats.


[20:29] Anthony

Verhoogt dat de drempel niet om ze daar te krijgen?


[20:32] Chris

Nee, absoluut niet. In het begin zou je denken dat, iets mooi verhoogt de drempel, maar dat is een denkfout omdat we er dan van uitgaan dat ze iets lelijk gewoon zijn. Wij moeten ze in een donker kot steken.


[20:46] Anthony

Zijn ze niet vaak iets lelijk gewoon?


[20:48] Chris

Bij gebrek aan iets anders. Maar dat gaat heel vlot.


[20:54] Anthony

Hoe krijg je die daar de eerste keer?


[20:58] Chris

We doen ook pleintjeswerk. In Oostende werken we in het Westerkwartier. Dat is een wijk uit het Interbellum. Met een soort dambordpatroon, met een centraal plein en dat plein werd eigenlijk ingenomen door hangouderen. Mensen die met liters carapils enzo, die moeten ook ergens een plaats hebben. Maar het feit dat die mensen daar allemaal zaten, ook niet altijd met kosjere dingen bezig waren, dat honden hun gevoeg daar konden doen, stootte ook de jongeren van daar af om naar dat plein te komen. Dat plein was voor hen niet veilig. Dan zijn we eerst rond dat plein gaan werken. We hebben dat plein opgeruimd en een consensus gemaakt samen met de volwassen bewoners van het plein, die er nog altijd zijn, maar die ook mee verantwoordelijk zijn voor het plein. Die dat mee onderhouden, die aanvaarden dat we daar spelen. Dus wij spelen op het plein zelf. Wij werken met de ouders en de gezinnen die daar rond wonen.


[22:10] Anthony

Maar hoe heb je dat in godsnaam gedaan?


[22:13] Chris

Ja, dat is elke keer het wonder dat gebeurt. Hoe raak je het gedaan? Dat plein was wel gekend als een negatief plein, een negatieve context. Daar zit een politiebureau op dat plein, met de luiken altijd naar beneden. De politie wilde ook niet zien wat er gebeurde, want er werden ook drugs gedeald onder die volwassenen en gebruikt. Maar dan moet je daar beginnen in werken, telkens pleintjes werken, je komt daar dingen opstellen. Door kinderen één voor één daar naartoe te brengen krijg je op een duur een groep. En waar kinderen zijn, creëer je terug een soort… Het is zoals je bloemen plant. Die kinderen daar zetten, er komt terug een soort vrolijkheid, er komt terug leven, er komen geluiden. En die volwassenen gaan zich ook…


[23:10] Anthony

Het ontdooit een beetje.


[23:12] Chris

Ja, en ze gaan ook een beetje beschaamd zijn over wat ze doen. Begrijp je? Zij willen niet dat daar glas ligt, want die kinderen zouden… Waar ze vroeger hun flessen kapot sloegen, weten ze nu van… Oei, dat… Er zijn ook wel mensen die verstandig genoeg zijn. Dus je moet ook wel met die mensen werken. Je moet die ook wel niet weg gaan duwen als de slechte mens. Het is heel belangrijk dat je met alle factoren tegelijkertijd werkt. Wij blijven nog steeds op het plein werken. We pendelen daartussen met een minibus en kinderen kunnen nog altijd op een veilige manier naar de zeedijk waar het huis met vier verdiepingen eigenlijk alles uitstraalt wat een thuis zou moeten zijn. Dus rust. kalmte, geluiden van een huis, de geuren van ergens waar gekookt wordt, de vriendschap van vrienden en familie die op bezoek zou komen. Eigenlijk is het een soort alternatieve thuis voor heel veel kinderen. Die kinderen lopen daar op hun sokken rond, dus die doen beneden hun schoenen uit. Waar doe je dat? Waar je thuis bent. Het was ook natuurlijk een beetje pragmatisch, omdat anders het zeezand binnenkomt.

[24:33] Muzikaal intermezzo


[24:39] Anthony

Ik zit de hele tijd te denken dat je enerzijds de wereld van de abstractie hebt waarin je zelfmoordcijfers ziet bij jongeren die altijd maar de hoogte ingaan, waarbij je armoede ziet en kinderarmoede die alleen maar de slechte kant uitgaat, waarbij je instrumenten zoals GAS-boetes of repressie, andere repressieve middelen ziet die we bijna als een Hail Mary, als een laatste redmiddel…


[25:13] Chris

Ja, we gaan ze vasthebben, we gaan ze opsluiten, het feit dat we bijvoorbeeld toegelaten hebben om een jeugdgevangenis te bouwen. Er is een jeugdgevangenis, er zijn gesloten instellingen. Dat is toch eigenlijk een groot stuk van ons human battery dat we allemaal al in vakjes gestoken hebben, die moeilijk deelnemen aan de samenleving. En dat is toch een beetje het falen van onze maatschappij. We hebben die er allemaal niet kunnen bijhouden. Ook het feit dat die slechte cijfers, dat dat allemaal toeneemt, dat wil toch zeggen dat we ergens aan het falen zijn als maatschappij. Dus dat er toch een gebrek is aan iets in de maatschappij. Nochtans is er heel veel hulpverlening ook. Maar dat blijkt nooit de afdoende te zijn. En ik denk dat dat ook komt omdat we altijd een stukje te laat zijn. Dus zoals ik in het begin zei, het probleem is er al. Wanneer die GAS-boetes in werking treden, stelt het probleem zich al. Wanneer een kind geplaatst wordt, stelt het zich al. Wanneer een kind een zelfmoordpoging doet of krast, dan is het probleem er natuurlijk al.


[26:31] Anthony

Het is het curatieve.


[26:34] Chris

Ja, dat curatieve zijn altijd pleisters die gelegd worden. Je bent dan een kind dat in zo'n moeilijke situatie zit. Door corona zijn er heel veel kinderen die worstelen met zichzelf, die existentieel beginnen denken van wat is eigenlijk de reden waarom ik leef? Moet ik wel leven? Is het belangrijk dat ik leef? Wij merken dat minder omdat we aan het begin van dat proces zitten. Wie merkt dat veel sterker? De hulpverleners die op het einde van dat traject zitten, op het moment dat het kind zich aandient en zegt: ik kan er meer. En wat zie je daar dan? Dat er een wachtlijst is van zes maand tot tien maand. Er is al zoveel gebeurd met dat kind. En dan is het zo ver dat dat nu zegt: help, dit is mijn laatste kreet. En dan moet men zeggen: sorry, maar de lijst is vol. Je zult nog zes maanden moeten wachten. En daar gebeuren echt drama's. Er zijn dan kinderen die zeggen: oké, ik kan daar niet op wachten. Het is hier en nu gedaan voor mij. Dus men moet gaan nadenken over hoe kunnen we dat allemaal voorkomen? Hoe kunnen we die wachtlijsten oplossen door daar meer volk te zetten? Dat is geen oplossing. Men moet zorgen dat die er niet zijn. Dat is gelijk gewoon ziek zijn. Je wacht ook niet totdat je bijna dood bent om te gaan ingrijpen wanneer iemand ziek is. Ik heb hoofdpijn, ik ga naar de dokter en hij geeft mij iets. Of hij geeft mij een babbel, of ik kan naar die dokter naartoe gaan, zoveel als dat ik wil. Maar in een welzijnsomgeving lijkt dat allemaal veel moeilijker. Daar is het probleem al heel groot wanneer het moet opgelost worden. En dan is het bijna op afroep dat het moet gebeuren. Het is nu aan nu, om eens een half uur. Ik ga met jou een half uur of een uur aan de slag gaan, als psycholoog, als therapeut. Dan binnen een uur is er een andere. En nu ga ik even met jou praten. En dan nog eens met jou.


[29:00] Anthony

Omdat de druk zo groot is.


[29:02] Chris

De druk is veel te groot, dus het gebeurt echt op afroep. Dat wil ze ook voor dat kind zeggen dat het op afroep zijn probleem moet gaan bespreekbaar stellen. Terwijl voor een kind is dat probleem er altijd. Altijd en overal. En niet juist op dat moment dat die therapeut daarbij is.


[29:22] Anthony

Als je het zo heel cynisch bekijkt, je bent meer dan twintig jaar bezig en Habbekrats wordt groter en groter.


[29:29] Chris

Dertig jaar, ja.


[29:32] Anthony

En ondertussen zie je samen met jullie groeicurve, ik weet niet, alle cijfers de verkeerde kant uitgaan. Niet meteen een bewijs dat wat je doet werkt.


[29:44] Chris

Wij zijn natuurlijk maar een klein onderdeel.


[29:46] Anthony

Ja, akkoord. Plus zo preventief werk, hoe bewijs je dat preventie… Hoe bewijs je dat iets niet gebeurd is dankzij u?


[29:57] Chris

Ja, dat is eigenlijk het grote probleem om die dingen te herkennen. Men wil eigenlijk bewijslast creëren. Hoe bewijs je dat nu? Nu, ondertussen hebben we het voordeel van 30 jaar bezig te zijn en kunnen we terugblikken. Het zou toch wel een beetje aanmatigend zijn om te zeggen, dankzij Habbekrats gebeurt dat allemaal niet meer.


[30:24] Anthony

Doe maar, als je dat vindt, doe maar.


[30:28] Chris

Nee, het zijn tenslotte maar maximaal 3000 jongeren die we maximaal kunnen helpen. 3000 jongeren is eigenlijk bijzonder weinig, maar goed, het zijn er al 3000. Als we die hun traject volgen, dat scoort wel goed. Daar kunnen we bewijslast voorleggen, dat we een heel traject afgelegd hebben en dat dat de positieve kant uitgaat. Onze stijgende lijn bevindt zich eigenlijk binnen een dalende spiraal, begrijp je? Dus ons werk blijft wel stijgen, ook in kwantiteit blijft het stijgen, maar het geheel waarin die stijgende lijn zich bevindt is altijd maar dieper aan het zakken. Zo moet je het zien en dat heeft met zoveel factoren te maken die je moeilijk als één kleine organisatie kunt veranderen.


[31:25] Anthony

Het is toch absurd dat als een kind die in de jeugdzorg terechtkomt een miljoen kost, een miljoen Belgische frank was het nog zeker, ik ben niet zo snel om dat om te rekenen, dat we dit dan, met datzelfde bedrag in preventie heb je toen zoveel jongeren.


[31:43] Chris

Ja, 350.


[31:43] Anthony

Misschien ben je er nu, want ik weet niet of je nog hetzelfde rendement hebt.


[31:48] Chris

Ja, we hebben een goed rendement, maar natuurlijk wordt het professioneler aangepakt, dus de mensen zijn nu allemaal in dienst.


[31:55] Anthony

Ja, maar zelfs vanuit die insteek, vanuit de puur economische logica, in een tijdperk dat, ik weet niet, nogal geobsedeerd is met de economische logica zou je zeggen, weet je wat: als een venture capitalist beschouwd, ga ik gewoon al mijn geld gaan steken in die preventie, want mijn rendement is de facto 350.


[32:16] Chris

Ja, maar men denkt zo niet. Ik denk dat dat ook te maken heeft met de sector zelf, die niet in de logica van preventie werkt. Daar is weinig verdienste te vinden. Er zijn weinig voorbeelden van organisaties die echt preventief werken. Het is veel moeilijker, je moet algemeen werken, je moet vooral heel vooruitziend zijn, je moet visionair zijn om te zeggen, oké, daar kan iets mee voorvallen. Maar het is voor mij niet meer dan evident om te weten, stel nu die grote blok daar in Gent aan de Afrikalaan. Daar weet iedereen van dit kan niet blijven duren. Als kinderen daarin opgroeien, zonder tuin, zonder iets en die reusachtige blokken, dat kan niet goed aflopen. Dus dat weet je als je daar iets gaat aanbieden, dat je preventief kunt werken. Als je daar niets doet, dan gaat dat escaleren en dan komt dat altijd op de schaal van het curatieve terecht. Dus dan gaat men achteraf veel meer politie- optredens moeten hebben, dan gaat men veel meer hulpverleningen moeten hebben, dan gaat men veel meer plaatsingen in bijzondere jeugdzorg hebben.

Download transcript

Wat vond je van dit gesprek?

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *